kinderen,  over mezelf

Ik ben altijd te laat

In Groot-Brittannië kunnen ouders een fikse boete krijgen als hun kind te laat op school komt. In sommige regio’s kan de boete zelfs oplopen tot 240 pond (ruim 270 euro).
Mijn kinderen komen heel vaak bíjna te laat op school. Dat komt omdat ik ergens ontzéttend goed in ben.
Ik verslaap me namelijk heel vaak. Echt hoor, als verslapen een Olympische sport zou zijn (niet te verwarren met verspringen), zou ik moeiteloos de gouden plak winnen.
Dat komt niet doordat ik de wekker niet of verkeerd heb gezet, maar omdat ik er negen van de tien keer gewoon doorheen slaap.
Mijn wekkerradio staat standaard op volumestand gehoorbeschadiging en nog presteer ik het om hem niet – of te laat – te horen.
Het gevolg daarvan is dat ik vrijwel iedere ochtend zodra ik wakker word als de donder moet maken dat ik weg kom. In je eentje is dat al niet makkelijk, laat staan met vier kinderen.
Maar ook toen ik nog maar twee kinderen had, kreeg ik het maar niet voor elkaar om op tijd wakker te worden.
Mijn dochter van 8 is nog nóóit ruim op tijd op school geweest. Nou ja, één keertje dan en toen vroeg ze verbaasd waarom het zo druk was op het plein. En of er misschien iets speciaals was. (Reken maar dat je je als moeder knap lullig voelt als je dan moet zeggen: “Ja schat, we zijn op tijd.”)
Ik heb ook nog nooit op het plein hoeven wachten tot ze uit school kwam, want ik kom altijd op het laatste moment aanzetten. Op één keer na, maar dat was omdat ik vergeten was dat de school op woensdag een kwartier later uit is.
Het is me ook weleens overkomen dat ik na een slechte nacht ’s middags even een halfuurtje ging liggen, na een uur wakker schrok, concludeerde dat mijn dochter nú vrij was en ik nog een kwartier moest lopen. En dat ik ontdekte dat het alarm dat ik op mijn telefoon gezet had slechts één heel zielig geluidje gaf: “Tring.” Tering. Alsof ik wakker word van zo’n sneu tringetje.
Maar zelfs als ik eens in de zoveel tijd op miraculeuze wijze wél wakker ben geworden van de wekker, krijg ik het nog voor elkaar om op het allerlaatste moment de deur uit te stappen.
Want als ik eerder uit bed ben, heb ik altijd het gevoel dat ik zeeën van tijd heb. En dan doe ik alles lekker op m’n gemakje, wat erin resulteert dat we uiteindelijk toch nog moeten haasten.
Want dan ben ik m’n sleutels of telefoon kwijt of de peuter heeft een volle luier of we staan al buiten als ik bedenk dat de schooltas van mijn dochter nog binnen op tafel ligt.
En voordat ik het weet is het slechts nog mogelijk om voor de eerste bel op het schoolplein te zijn als we ons er per raket heen verplaatsen.
Ik zal toch een keer aan mijn probleem moeten gaan werken, want mocht ik ooit weer eens voor een werkgever (een betálende, bedoel ik dan) gaan werken, dan zou het weleens handig kunnen zijn als ik niet te veel slaap. Tenzij ik aan de slag wil als ambtenaar, natuurlijk.
Ik denk dus dat ik binnenkort maar een haan aanschaf. En zo’n ouderwetse wekker die keihard rinkelt. Die zet ik dan op een schoteltje met muntjes, naast een tijdbom die afgaat als ‘ie niet op tijd onschadelijk gemaakt wordt.
En om helemáál zeker te weten dat ik wakker word, zet ik die verzameling wekmiddelen voor de zekerheid aan de kant van het bed waar mijn man slaapt. Succes gegarandeerd.
(Toch blij dat ik niet in Engeland woon!)

Lees ook:Ik ben een waardeloze moeder

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *