Sint-Maarten

Sint-Maarten lopen met mijn vier kinderen.
Vorig jaar ging dat zo.
Van tevoren had ik alles goed voorbereid. Er waren vier lampionstokjes in huis; voor de drie oudsten ieder eentje en ook nog een reserve. Ik had er zelfs aan gedacht om grote broer er één mee naar school te geven, waar hij de klassen rond zou gaan. Twee punten gescoord.
Kleine zus had op de peuterspeelzaal een paddenstoel geknutseld en grote broer vertelde vol trots over zijn Ninja Turtle. Ik ging er vanuit dat grote zus er ook een zou maken op school. Maar toen ik haar ophaalde hadden de kinderen uit alle klassen een lampion bij zich, behalve groep 4.
Wat bleek nou, zij hadden in oktober al een lampion gemaakt voor de lampionoptocht tijdens de jaarlijkse ontzetviering in de binnenstad.
En de juf was er vanuit gegaan dat we die bewaard hadden. Ha! Bijna nóg een punt gescoord, want ik had ‘m inderdaad bewaard. Ergens onderin een verhuisdoos. Die al in het nieuwe huis stond.
Hmm.
Op stel en sprong moest er dus nog een lampion gekocht worden. Om er eentje te knutselen heb je knutselspullen nodig. En die had ik natuurlijk… ergens onderin een verhuisdoos die al in het nieuwe huis stond.
Vind nog maar eens een lampion op de middag voor Sint-Maarten.
We zijn twee winkelcentra afgeweest voordat we er eindelijk één vonden – ergens onderin een doos. Het was 3-0 voor mij!
Nadat alle vier de kinderen dik ingepakt waren tegen de kou en de drie oudsten waren voorzien van een lampion mét werkend lichtje en een tas konden we op pad.
Voordat we bij het eerste huis waren gaf het lichtje van grote zus er de brui aan. En ik was natuurlijk het reservelichtje vergeten, maar we hadden geen zin om terug te gaan. Minpuntje, letten we niet op.
Na het tweede huis stopte ook het lampje van kleine zus ermee, maar gelukkig ben ik technisch aangelegd en kreeg ik het weer enigszins aan de praat door er tegenaan te tikken. Ze vond het alleen maar leuk dat ze nu een knipperlichtje had, want dat had verder niemand.
Met z’n drietjes zongen ze bij ieder huis “Elf november is de dag”, want dat is het enige Sint-Maartenliedje dat kleine zus kent. Of eigenlijk zongen grote broer en grote zus het en zong de kleine meid alleen “Ewf femme” en “isse dag”, maar wat genoten ze.
We staken de weg over.
Ik zei dat ze goed moesten oppassen.
Daar waren ze het daarmee volledig eens, want als ik onder een auto zou komen zouden ze alléén moeten zingen en dat durfden ze niet.
Al gauw werden de tassen zwaar. En de lampions op miraculeuze wijze ook, dus of ik ze even wilde dragen. (Nee.)
Na een stuk of vijftien huizen kreeg kleine broer in zijn buggy er schoon genoeg van en hij zette het op een brullen. Het was maar goed dat ik zo’n georganiseerd type ben en dat ik eraan gedacht had om wat te eten voor hem mee te nemen. (Dat lieg ik. Ik haalde gewoon een doosje rozijntjes uit de tassen met Sint-Maartensnoep.)
Dat stelde kleine broer weer eventjes tevreden.
Weer een punt verdiend.
Nog eens een huis of tien verder waren de rozijnen op en het geduld van kleine broer ook. Ik dacht dat hij wel zou kalmeren als ik hem eventjes zou vasthouden. Dus ik tilde hem uit de buggy en inderdaad, hij werd rustig.
Totdat ik bedacht dat ik hem moeilijk de hele weg terug naar huis kon tillen terwijl ik ook nog op drie loslopende kinderen en een buggy moest letten. Het duurde maar vijf minuten voordat ik hem weer in de buggy vastgegespt had. In de tussentijd sneuvelde de lampion van grote broer en begon grote zus naar eigen zeggen te bevriezen.
Grote broer struikelde en sleepte kleine zus mee in zijn val. Toen hadden ze allemaal geen zin meer en ging ik op huis aan met een chagrijnige dreumes, een huilende peuter, een ijsklontje en een jongen die hinkte vanwege een schaafplekje – ik bedoel: enórme wond – op zijn been.
Maar eenmaal thuis was alle leed geleden toen ik de hele tafel volstortte met de inhoud van drie tassen. Ik zei: “Ga maar lekker snoepen” en dat deden ze.
Tien minuten later was de huiskamer een ravage, plakten kleine broer en kleine zus aan de tafel vast en was grote broer misselijk.
Grote zus riep: “Dit is echt mijn droom! Zóveel snoepen en de papiertjes gewoon op de grond gooien!”
Bonuspunten.
Het was een fantastische avond.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *