(voor)lezen,  peuter

Papa gaat buiten z’n boekje

De peuter vindt het tijd voor ‘Nijntje in de sneeuw.’ En papa mag voorlezen, want dat kan hij goed.
Peuter en papa installeren zich op het bed.
Papa begint te lezen over Nijntje, die op een ochtend door het raam kijkt en ziet dat het gesneeuwd heeft.
“Wat zijn de daken prachtig wit.
Wat is de kerk ook fijn,” leest papa.
“Euh, hoezo, wat is de kerk ook fijn?” onderbreekt hij. “Nou ja, het zal wel.”
Hij leest verder.
“Eerst sleede zij de heuvel af.
Hoi-hoi, wat ging dat fijn.
En als je viel, dan gaf het niet.
Want sneeuw doet toch geen pijn.”
Papa kijkt op van het boek: “Behalve als er een baksteen onder ligt.”
Dan vervolgt hij:
“Toen ging zij schaatsen op het ijs.
Dat was wel heel erg glad.
Toen Nijntje viel deed dat wel pijn.
Maar ja, wat hindert dat.”
Hij kijkt weer op.
“Hoezo, wat hindert dat? Als je je knieschijf breekt hindert dat dus écht wel.”
“Ja,” zegt de peuter ernstig.
Papa hervat:
“Een sneeuwpop maakte Nijntje ook.
Het werd een hele reus.
Van moeder kreeg ze toen een peen.
Die stopte ze in haar neus.”
Ik heb zomaar het idee dat dát er niet staat. Maar de peuter heeft niets in de gaten en luistert.
“O kijk, daar zat een vogeltje.
Dat diertje had verdriet.
Het riep: Oh Nijn, wat is het koud.”
Papa kijkt de peuter aan: “Die vogel weet meteen hoe ze heet, knap hè.”
De peuter knikt vol ontzag.
“Toen haalde kleine Nijntje thuis
een hamer en ook hout.
Ziezo, zei Nijn, nu aan het werk.
Er wordt een huis gebouwd.”
Papa stopt weer even.
“Ja, want Nijntje is al drie. En ze kan klussen als de beste.”
Nadat Nijntje de hele middag getimmerd heeft en het huis klaar is, wordt Nijntje door haar moeder naar binnen geroepen.
“Nu moet je naar binnen toe, je moet nu slapen gaan,” leest papa.
“Welja, heeft de hele middag in de sneeuw een huis staan bouwen en dan moet ze meteen naar bed. Krijgt niet eens iets te vreten.”
De peuter knikt.
Papa: “En die rotvogel zal ook niet even zeggen van: dank je wel voor het huis en hier heb je wat nootjes van mij.”
De peuter schudt haar hoofd.
Papa: “Wat is dit voor raar boek? Nou, welterusten.”

3 reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *